Blauwalg alarm: Voorlopig is kajakken in Aalst niet toegestaan. In Denderleeuw geldt een waarschuwing om extra voorzichtig te zijn.

Huur je kajak in Denderleeuw
Kajak op de dender logo

VAAKGESTELDE VRAGEN

Sta je te popelen om het avontuur aan te gaan maar zit je nog met enkele vragen? Ontdek hier wat veel avonturiers zich nog afvragen en wat voor tips wij hen meegeven. Zit je nog met andere vragen? Neem dan gerustcontact met ons op.

Kanovaren en kajakvaren worden vaak met elkaar verward. Er is echter wel degelijk een verschil tussen de twee.
De kanoboot werd gebruikt in Noord-Amerika. Ze werden gemaakt uit hout en dierenhuiden. De dag van vandaag worden kano's vooral gemaakt uit polyester. De boot is open en de peddel heeft 1 blad. De andere kant van de peddel is een knop.
De kajak werd al gebruikt bij de Inuit, ook wel de eskimo's genoemd. Deze gebruikten de kajak voor de visvangst. Hun kajaks waren gesloten om zo onderkoeling tegen te gaan. Wanneer ze in het water kantelden gebruikten ze de eskimoteer techniek om terug boven water te komen. Kajaks de dag van vandaag zijn opener dan vroeger. We noemen ze ook wel sit-on-top kajaks. Vervolgens is er ook de kajakpeddel. Deze peddel heeft 2 bladen om te peddelen.



Kano 

De kano heeft een voorkant en een achterkant. Je ziet dit vooral door de richting van de zitjes en de beenruimte in de kano's. Als de kano op het droge staat, ga er dan niet gaan instaan. Sleep of schraap de kano niet over de grond. Dit kan zorgen voor een lek in de kano. Draag daarom altijd de kano ook al is hij zwaar. Je hebt zowel aan het hek als aan de boeg een handvat om de kano op te heffen!

Zwemvest

Een zwemvest helpt je om te drijven maar je zal zelf moeten zwemmen om tot aan wal te geraken. Het is steeds verplicht om je zwemvest aan te doen en aan te houden op het water. Zorg ervoor dat je niet op de zwemvesten gaat staan of zitten, dit zorgt er namelijk voor dat het zwemvest minder veilig wordt. Leg deze vervolgens ook niet te dicht tegen het kampvuur want dan smelt ze. 

Peddel 

De peddel heeft bij kanovaren een blad en een knop, bij de kajak heeft de peddel 2 bladen. Als je je met de kano ergens moet wegduwen van de rand, gebruik dan bij voorkeur de knop van de peddel. Het blad is veel dunner en kan dus sneller afbreken. Wanneer je met de kajak je ergens moet afduwen doe je dit zeer voorzichtig zodat het blad niet breekt. Je bent namelijk verantwoordelijk voor al je materiaal, wat stuk is moet je betalen.

Bagageton

Een bagageton is een ronde ton met een draaideksel waarin je jouw persoonlijke bezittingen kwijt kan. Indien er water in de kanoboot loopt, of jouw boot kapseist, zullen jouw persoonlijke bezittingen niet nat worden. De bagageton kan je op de voorziene plaats in de kanoboot vastmaken. Dit is vooral noodzakelijk wanneer je op wild water kajakt. Op de dender is het echter rustig varen dus is dit minder van toepassing.

Kanowagentje 

Een kanowagentje is een wagentje op twee wielen, waarop je de kanoboot kan plaatsen. Je kan deze gebruiken wanneer je bijvoorbeeld een sluis moet overbruggen, of aan het einde van jouw tocht om de kano te verplaatsen. Het kanowagentje is een heel handig hulpstuk aangezien een kano toch al snel enkele kilo’s weegt. Het kanowagentje kan je tijdens het varen bovenop de bagageton plaatsen.

Wanneer je schrik hebt om (zinkende) spullen te verliezen bindt je die best vast met een touw aan je boot. 


Peddel vasthouden: Met de dichtste hand neem je de steel vast, met de verste hand neem je de knop vast. 
  • Voorwaartse slag:
    1. Insteken: Steek je peddel goed naar voor en zo dicht mogelijk bij de boot in het water. Probeer hierbij gespetter te vermijden. Je romp en arm bewegen hierbij licht naar voor. Hoe dichter je bij de boot peddelt, hoe minder je zal afwijken van de voorwaartse beweging.
    2. Werkfase: Met je onderste arm trek je je peddel naar achter. Met de bovenste arm duw je de andere kant van de peddel actief naar voor. Op deze manier cre√ęer je een hefboomeffect. Bij kanovaren is dit hefboomeffect zeer belangrijk om meer aan kracht te winnen en zo ook sneller vooruit te gaan.
    3. Uitsnijden: Haal het peddelblad met de smalle kant uit het water zodat je zo weinig mogelijk water opschept.
    4. Terughalen: Breng je peddel terug naar voor. Zorg ervoor dat je peddel zo dicht mogelijk over het water beweegt.
Deze 4 fasen zijn een doorlopende cyclus. Deze cyclus wordt om de 5 à 20 slagen rechts en links herhaald om zo rechtdoor te blijven varen. Let op hierbij moeten je handen van plaats wisselen. In het begin probeer je aandacht te hebben voor elke fase. Na een uurtje zal dit vloeiend in elkaar overgaan.
  • Correctieslagen:
    1. Wanneer je langzaam van richting wil veranderen peddel je 2 à 3 keer langs dezelfde kant. Wanneer je rechts peddelt zal je naar links gaan en omgekeerd.
    2. De boogslag wordt gebruikt wanneer er een grote bocht moet genomen worden. Allereerst breng je je lichaam volledig naar voor om de peddel zo ver mogelijk in het water te steken. Vervolgens maak je een weide boog in het water ver van de boot. Hierbij trek je enkel aan de onderste arm, de bovenste arm heeft hier geen duweffect. Hier wordt dus geen hefboomeffect gebruikt.
    3. Tegensturen wordt gebruikt om van richting te veranderen. Bij tegensturen wordt de peddel in het water van achter naar voor gebracht. Wanneer je hierbij naar rechts peddelt zal je boot naar rechts gaan en omgekeerd. Het nadeel bij deze slag is zijn grote snelheidsverlies. 
Het is vooral de persoon die achteraan zit die deze correctieslagen zal moeten gebruiken om van richting te kunnen veranderen. Ook zal deze persoon moeten instaan voor het sturen van de boot. De persoon vooraan kan de voorwaartse slag blijven aanhouden om snelheid te maken.

Peddel vasthouden: Leg je peddel in evenwicht op je hoofd en neem hem vervolgens vast met beide handen waarbij je met de armen een hoek van 90¬į maakt.
  • Voorwaartse slag:
    1. Insteken: Steek je peddel goed naar voor en zo dicht mogelijk bij de boot in het water. Probeer hierbij gespetter te vermijden. Je romp en arm bewegen hierbij licht naar voor. 
    2. Werkfase: Met je onderste arm trek je je peddel naar achter. Met de bovenste arm duw je de andere kant van de peddel actief naar voor. Op deze manier cre√ęer je een hefboomeffect. Dit hefboomeffect is belangrijk om kracht te sparen.
    3. Uitsnijden: Haal het peddelblad met de smalle kant uit het water zodat je zo weinig mogelijk water opschept.
    4. Terughalen: Breng je peddel terug naar voor. Zorg ervoor dat je peddel zo dicht mogelijk over het water beweegt.
Deze 4 fasen zijn een doorlopende cyclus. Deze cyclus wordt afwisselend links en rechts herhaald. In het begin probeer je aandacht te hebben voor elke fase. Na een uurtje zal dit vloeiend in elkaar overgaan.
  • Correctieslagen:
    1. Wanneer je langzaam van richting wil veranderen peddel je 2 à 3 keer langs dezelfde kant. Wanneer je rechts peddelt zal je naar links gaan en omgekeerd.
    2. De boogslag wordt gebruikt wanneer er een grote bocht moet genomen worden. Allereerst breng je je lichaam volledig naar voor om de peddel zo ver mogelijk in het water te steken. Vervolgens maak je een weide boog in het water ver van de boot. Hierbij trek je enkel aan de onderste arm, de bovenste arm heeft hier geen duweffect. Hier wordt dus geen hefboomeffect gebruikt.
    3. Tegensturen wordt gebruikt om van richting te veranderen. Bij tegensturen wordt de peddel in het water van achter naar voor gebracht. Wanneer je hierbij naar rechts peddelt zal je boot naar rechts gaan en omgekeerd. Het nadeel bij deze slag is zijn grote snelheidsverlies. 
Het is vooral de persoon die achteraan zit die deze correctieslagen zal moeten gebruiken om van richting te kunnen veranderen. Ook zal deze persoon moeten instaan voor het sturen van de boot. De persoon vooraan kan de voorwaartse slag blijven aanhouden om snelheid te maken.

  • Kanoweekend geboekt? Dan is er per kano een grote ton voorzien voor al jouw persoonlijk materiaal. Neem niet teveel materiaal mee in de kano. Hieronder is een lijstje van materiaal waarmee je perfect toekomt voor je weekend:
    • Zwembroek
    • 2 paar schoenen: 1 nat paar voor in de kano en 1 droog paar voor op je slaapplaats.
    • 2 t-shirts, ondergoed en kousen
    • Minimum 1 warme trui en 1 lange broek
    • Een regenvest
    • Zonnebril, zonnecr√®me, zonnepetje of hoedje
    • Zaklamp
    • Muggenspray
    • Drinkfles
    • Een touw
    • Portefeuille, geld, id-kaart.
    • Snacks voor tijdens het kano√ęn
    • Eventueel slaapzak, matje en tent
    • Eten en drinken voor het weekend
    • Gamellen, bestek, borden, drinkbeker
    • Biologisch afbreekbaar afwasmiddel en spons
    • Mogelijks een kampeerstoeltje
    • Stevig slot om je kano vast te hangen
  • Kies je ervoor om enkele uurtjes met de¬†kajak op de dender de dobberen? Dan volstaat het om reservekledij mee te brengen, indien je een duik in de Dender toch niet kon vermijden.

We beschikken over ruime en stabiele 2-persoonskajaks en -kanos waar ook extra plaats is voor een kind tot 8 jaar of een hondje. Kinderen ouder dan 8 jaar dienen een volwaardige zitplaats in te nemen zodat ze zelf kunnen peddelen. 


De waterkwaliteit van de Dender is de laatste jaren heel wat verbeterd. Vooral door inspanningen van onder andere Aquafin, de Vlaamse afvalwaterzuiveraar. De kwaliteit van het Denderwater ligt nu tussen aanvaardbaar en goed.
Officieel is zwemmen in de Dender niet toegestaan, maar het kan zeker geen kwaad indien je toch in het water belandt. Een ongelukje waarbij je boot of kajak kapseist, is soms sneller gebeurd dan gedacht.
Wel is het soms opletten geblazen voor blauwalgen. Wil je meer weten over blauwalgen? Zie dan hieronder.

Blauwalgen zijn eigenlijk geen algen, maar eerder een bacterie. Ze ontstaan op wateren waar amper stroming voorkomt, en hebben meer kans om zich te verspreiden bij warm weer. Je kan blauwalgen herkennen aan hun blauwgroene, soms roodbruine kleur, en hun olieachtige consistentie. Na het in contact komen met deze bacterie, kan u last hebben van volgende klachten: buikloop, braken, irritatie van de ogen, oren, neus, alsook klachten aan de luchtwegen. Op de Dender komen blauwalgen vooral voor in augustus en september. Wanneer het water een te hoge concentratie blauwalgen bevat zullen de plaatselijke gemeenten dit communiceren.

  • Aalst
  • Trein: station Erembodegem (12 min wandeltijd)
    Parking: The Outsider Aalst (Kapellekensbaan 4, 9320 Aalst)
  • Denderleeuw
  • Trein: Station Liedekerke (16 min wandeltijd)
              Station Denderleeuw (17 min wandeltijd)
    Parking: Te Dorp Denderleeuw, volg het baantje links van de kerk tot aan de Dender
  • Overboelare
  • Trein: Station Geraardsbergen (17 min wandeltijd)
    Parking: Het Bruggenhuis (Majoor van Lierdelaan 50, 9500 Geraardsbergen)

    Link naar de NMBS





     

Wanneer u in Ninove overnacht of in Ninove u eindbestemming heeft dan kan u de boten op de kanoparking (achter de volleybal terreinen van de sporthal) achterlaten. Hierbij volg je de volgende instructies.
    1. Neem je boot van je kanowagentje.
    2. Leg de spanriemen in de ton.
    3. Doe de reddingsvest in de ton.
    4. Sluit de ton.
    5. Zet de ton en het kanowagentje onder de boot.
    6. Leg de boot ondersteboven over de kanowagen en de ton.
    7. Sluit de deur.
    8. Tot de volgende keer!

Wanneer je uit je boot valt probeer je peddel dan te blijven vasthouden. Wanneer er water in je boot is beland, breng hem dan naar de kant en laat het water er uit door de boot te kantelen. Hiervoor kan je ook eventueel een klein emmertje gebruiken. Neem hiervoor je tijd want het duurt even tot wanneer alle water uit de boot is.
Wanneer je onderkoelt bent kom dan zo snel mogelijk uit het water. Zorg dat je je natte kleren uittrekt en droge kleren aantrekt, drink iets warm en neem een lauwe douche die je langzaam warmer laat worden.
Wanneer je andere mensen in nood ziet ben je verplicht van deze te helpen.
Bij ernstige ongevallen bel 100.


Techniek

Peddel vasthouden

Om je peddel op de juiste manier vast te houden leg je de peddel eerst in evenwicht op je hoofd. Vervolgens nemen je handen de peddel vast waarbij de armen een hoek van 90¬į maken en ook je handen maken een hoek van 90¬į met de peddel.¬†Bij kanovaren hou je de peddel vast met de dichtste hand aan de steel en de verste hand aan de knop. Bij kajakken hou je met beide handen de steel vast.¬†

Instappen

Om in de kajak of kano te stappen leg je eerst de boot in het water evenwijdig met de oever. Vervolgens plaats je de peddel dwars op de voorkant van de boot en de oever. In de volgende fase hurk je naast de opening van de kajak/kano en hou je met de ene hand de kajakkuip/kanokuip plus de peddel vast en met de andere hand enkel de peddel. Op deze manier kan je rustig in de boot stappen. Ten slotte neem je de peddel met 2 handen op de juiste manier vast zoals hierboven uitgelegd.

Voorwaartse techniek kajak

Om vooruit te varen met de kajak gebruik je de techniek van de voorwaartse slag. Deze slag gebeurt in 4 stappen. Bij de eerste stap steek je de peddel goed naar voor en zo dicht mogelijk bij de boot in het water. Probeer hierbij gespetter te vermijden. Je romp en armen mogen licht mee bewegen naar voor. Bij stap 2 trek je met de onderste arm de peddel naar achter. Met de bovenste arm duw je de andere kant van de peddel actief naar voor. Op deze manier cre√ęer je een hefboomeffect. Dit hefboomeffect is belangrijk om kracht te sparen. Vervolgens haal je bij stap 3 het peddelblad met de smalle kant uit het water zodat je zo weinig mogelijk water opschept. Tenslotte breng je bij stap 4 je peddel terug naar voor. Hierbij zorg je ervoor dat de peddel zo dicht mogelijk over het water beweegt.¬†
Deze 4 fasen zijn een doorlopende cyclus. Deze cyclus wordt afwisselend links en rechts herhaald. In het begin probeer je aandacht te hebben voor elke fase. Na een uurtje zal dit vloeiend in elkaar overgaan.

Voorwaartse techniek kano

Om vooruit te varen met de kano gebruik je eveneens de techniek van de voorwaartse slag. Er zijn wel een aantal dingen waar je extra moet op letten. Bij stap 1 het insteken van de peddel is het belangrijk om echt dicht bij de boot te peddelen. Hoe dichter je namelijk bij de boot peddelt hoe minder je zal afwijken van de voorwaartse beweging. Bij stap 2 is het hefboomeffect zeer belangrijk om op deze manier meer aan kracht te winnen en sneller vooruit te gaan. Bij stap 3 en stap 4 zijn er geen extra aandachtspunten.
De 4 fasen van de voorwaartse slag zijn ook bij het kanovaren een doorlopende cyclus. Deze cyclus wordt om de 5 à 20 slagen rechts en links herhaald om zo rechtdoor te blijven varen. Let op, bij het wisselen van kant moeten je handen van plaats wisselen. In het begin probeer je aandacht te hebben voor elke fase. Na een uurtje zal dit vloeiend in elkaar overgaan.

Correctieslagen



Naast het vooruit varen is het ook handig om van richting te kunnen veranderen. Hierbij heb je 3 mogelijkheden die zowel bij kajakken als bij kanovaren kunnen gebruikt worden. Allereerst kan je langzaam van richting veranderen. Om dit te verwezenlijken peddel je 2 à 3 keer langs dezelfde kant. Wanneer je rechts peddelt, zal je naar links gaan en omgekeerd. Als tweede kan je een boogslag gebruiken om een grote bocht te maken. Hiervoor breng je eerst je lichaam volledig naar voor om de peddel zo dicht mogelijk tegen de boot en zo ver mogelijk in het water te steken. Vervolgens maak je een weide boog in het water ver van de boot (zie foto). Hierbij trek je enkel aan de onderste arm, de bovenste arm heeft hier geen duweffect. Als laatste kan je ook nog tegensturen om van richting te veranderen. Bij tegensturen wordt de peddel in het water van achter naar voor gebracht. Wanneer je rechts peddelt zal de boot naar rechts gaan en omgekeerd. Het nadeel bij deze slag is zijn grote snelheidsverlies.

Het is vooral de persoon die achteraan zit die deze correctieslagen zal moeten gebruiken om van richting te kunnen veranderen. Ook zal deze persoon moeten instaan voor het sturen van de boot. De persoon vooraan kan de voorwaartse slag blijven aanhouden om snelheid te maken.

Water uit je boot laten

Op het water kan het wel eens gebeuren dat je omvalt en je boot vol met water loopt. Bij een kajak trek je de boot naar de kant en kantel je hem zoals op de foto om het water er te laten uitlopen. Bij de kano gaat dit iets moeilijker. Wanneer de kano gevuld is met water kan je deze niet makkelijk opheffen. Je trekt dus best je kano met 2 aan de kant en lift hem centimeter voor centimeter op zodat het water er traag kan uitlopen. Een klein emmertje kan ook een grote hulp zijn om de kano watervrij te maken. Neem hiervoor voldoende tijd want het duurt even voor alle water uit de boot is.


Schrijf je in op onze nieuwsbrief